Stil
Het is 22 augustus in de avond, inmiddels donker en we kijken elkaar aan. We liggen stil. Gewoon echt helemaal stil. Geen enkele beweging, geen geluid. De dieptemeter geeft 3,8 meter aan. Nee, we liggen niet vast.
We hebben ons anker laten vallen in het noorden van de Ria de Arousa. De ruime baai is bij laagwater maar 3 tot 4 meter diep en ligt tussen de Spaanse heuvels, met uitzondering van de ingang aan de zuidkant. De windmeter geeft 1,3 knopen wind aan en het water is een spiegel. Nou bijna dan.

Juist omdat het hier zo ondiep is verbaasde het ons eerder op de avond dat hier dolfijnen zitten. We tellen er een stuk of 6 en geen heel kleine. Zijn ze verdwaald? Ze zwemmen rustig rond de boot en je hoort het gepuf van hun adem als ze boven water komen. Een enkele waagt zelfs nog een flinke sprong. En dat in nog geen 4 meter, amper twee keer zijn eigen lengte. Een half uurtje later vertrekken ze naar het zuiden, richting de uitgang. Toch niet verdwaald dus.

We gaan nog even de kant op met onze bijboot. We zetten inmiddels gewoontegetrouw maar het ankeralarm, maar veel nut heeft het niet. Het waait zo weinig dat we zelfs zonder anker nog wel zouden blijven liggen.
De volgende ochtend staat er weer wat wind en varen we naar het nabijgelegen Vilagarcia. Een aanzienlijk deel van Ria de Arousa ligt vol met “batea”. Dat zijn een soort drijvende platforms waar mosselen gekweekt worden. Het schijnt dat Galicia goed is voor zo’n 30% van de mosselproductie van heel Europa (en sorry Hollanders, Nederland haalt dat bij lange na niet). Anyway, de koers naar Vilagarcia is zo dat we ofwel tegen de wind in moeten of tussen de “batea” door. Dat laatste schijnt te mogen en te kunnen, dus proberen we dat maar eens.

Ok, dan moet het toch maar gebeuren: het afmaken van de glazenzetter-op-zee actie. We wisten dat een van de ruitjes aan stuurboord een beetje lekte, maar dat bleek toch langzaamaan een beetje veel te worden. In Muros hebben we het ruitje er uit gehaald en opnieuw gekit, maar blijkbaar droogde de kit wat snel in 35 graden en helaas is die actie geëindigd in een kleine teleurstelling. Vanaf dat moment hebben we maar even een noodplankje in het raampje geplaatst (standaard noodvoorziening). Nu waaide het toch nauwelijks de afgelopen dagen, dus heel erg was dat niet, maar we hebben ondertussen wel allerlei opties bedacht om een ruitje vanaf de buitenkant via een soort naast-de-boot-zwevend-supermechanisme in het frame te kunnen drukken terwijl de kit droogt. Totdat Anita in de lokale Chinees een “Suction Cup” ontdekt, volgens de beschrijving op de verpakking om auto’s te kunnen uitdeuken. Ter info: “De Chinees” is hier niet een gelegenheid om éénpersoons maaltijden af te halen waar je met drie man van kunt eten, maar een winkel waar werkelijk vanalles en nog wat te koop is, zolang het maar goedkoop is en niet al te gangbaar. Auto’s uitdeuken hoeft nu even niet, maar zo’n ding zal vast wel plakken op een ruitje en dan hoef je niet te duwen aan de buitenkant, maar kun je trekken van binnenuit. En kijk, trekken dat snappen wij als zeilers, dat doe je met touw en dat hebben we zat. We nemen de gok en de Suction Cup suckt inderdaad als een jekker, dus het ruitje zit er eindelijk in.

3 gedachten over “Stil”
Wunderbar!!! En dat raampje plaatsen is heel inspirerend Anita en Leon! Hebben jullie die winkel zelf Chinees gedoopt? Of is dat de lokale benaming? Ik lig op dit moment op Urk met mijn Schotse zeilvriend en zijn motorsailor. We waren op weg naar Lemmer om het IFKS Skûtsjesilen te gaan kijken maar in een bui die de opgestuwde IJsselmeergolven plat sloeg kwam de bezaan naar beneden en besloten we rechtsaf Urk binnen te lopen. Veel groeten en ik blijf jullie volgen. Elly
Er staat Bazar Oriental op de gevel. Maar wij noemen het maar “De Chinees”. We komen minimaal één zo’n winkel tegen in elke plaats van enige omvang hier.
Hoi Anita en Leon, we hebben weer genoten van jullie berichten. Erg leuk om te lezen èn het een beetje mee te beleven.
Groeten vanaf Vlieland, Roland en Karen